Living the Filipina life in Benowangan (3)


Kumusta!

Waar begin ik lieve mensen? Zoals jullie in mijn vorige Filipinoblogs konden lezen, bracht ik afgelopen week door in een community in Borongan, in het oosten van Samar. Ik heb er zoveel gezien, gepraat en indrukken opgedaan dat ik écht niet weet hoe ik jullie een idee kan geven van deze onvergetelijke ervaring. Maar laat me toch een poging ondernemen.
English// version below

view over Benowangan, seen from their primary school

Benowangan, 21 maart, 20.30u plaatselijke tijd

De voorbereidingen voor het health camp starten morgen. Vandaag was een dag van reizen. Putteke nacht opstaan, een uur naar de luchthaven, anderhalf uur vliegen, zes uur hobbelen over de zandweggetjes tussen Tacloban en Borongan in een van, en tenslotte drie uur in een piepklein bootje op de Suribaorivier. En dat allemaal om Benowangan te bereiken, de community waar ik de komende zes dagen en nachten zou doorbrengen.

Onderweg zag ik overal half afgebroken palmbomen, versperde wegen door brokstukken van de tyfoons, scholen en ziekenhuizen zonder dak en ingestorte huizen. Geregeld zie je borden en posters hangen van ngo’s. Die schonken allerlei bouwmateriaal en beloofden verbetering, maar structurele veranderingen kwamen er niet. De borden en plakkaten van de niet nader genoemde ngo's worden gebruikt om huizen te stutten, lekken te dichten of als tijdelijk dak. De bevolking is nog altijd straatarm.


'Port' of Benowangan

Zes nachten op de grond 

Voor tyfoon Haiyan, voor november 2013, hadden de inwoners van Benowangan geen honger. Ze kwamen perfect rond met hun zelfgeteelde rijst, groenten en fruit. De situatie na Haiyan is heel wat anders. Hun gewassen en landbouwgrond werden verwoest, families werden uit elkaar gereten . Eén klaslokaal wacht nog altijd op een nieuw dak. Er is geen geld, er zijn geen middelen. Overtuiging en doorzettingsvermogen van de Benowanganen is er wel. Ze hebben niets, maar zien er door en door gelukkig uit. Een glimlach wijkt nooit van hun gezicht.


my host mom, Brenda

Mijn gastmoeder, Brenda, is een schatje. Ze spreekt Waray en Tagalog, maar geen Engels. Toch doet ze haar uiterste best om met mij te communiceren. Ze wil me in de watten leggen, ook al heeft ze zelf amper iets. Ze zou het eten uit haar mond sparen opdat ik geen honger zou hebben. We overnachten in haar huis. Het is een, naar Filipijnse normen, groot stekje. Zeker weten één van de grootste uit het dorp, met zijn 60m². De meeste gezinnen leven op een kleinere oppervlakte, terwijl de kinderen hier gemiddeld 8 à 10 broertjes en zussen hebben. Slapen doen we op de houten vloer. ’s Nachts hoor ik de ratten over het houten dak en op de grond kruipen. De comfort room is niet meer dan een wc-pot, een kraantje en emmer en een tabo (plastic steelpannetje om jezelf mee te wassen) in een stenen hutje. Het krioelt er van de mieren, spinnen en vliegende kakkerlakken (ja, echt!). Soms voel ik mij na het 'douchen' vuiler dan ervoor, omdat het er stinkt als na een tiendaags kamp met de chiro. En toch hé, toch voel ik me er op mijn gemak.

Waarom, hoor ik u luidop denken, voelt iemand zich op zo'n plaats op zijn gemak? Awel, het is hier rustig. Dit dorpje valt nergens mee te vergelijken waar ik ooit geweest ben. Er zijn geen auto's, fietsen, brommers, jeepneys of tricycles. Er is een rivier, en er zijn bootjes. That's it. Er is geen haast en geen stress. Er is geen druk van buitenaf. Er is enkel goedlachsheid, een carpe diem-mentaliteit en een eindeloze portie doorzettingsvermogen van de plaatselijke bevolking.


We hebben geluk: Benowangan heeft elektriciteit. Het is te zeggen: de eerste twee dagen toch. Op dag drie wil de generator niet meer meewerken en is er in de wijde omtrek geen licht te bespeuren. Ik kruip vroeg onder de wol, nadat ik me vergaapt heb op de sterrenhemel. Nooit eerder zag ik zo’n rijkgevulde met sterren bezaaide hemel als hier, letterlijk in the middle of nowhere.



Ik vergezelde de task force Children of the Storm op een medische missie. Verschillende ngo's bundelden hun krachten om health camps te organiseren in gebieden die het zwaarst getroffen werden door tyfoon Haiyan. Met een klein team van dokters, verpleegsters en vrijwilligers weten we op twee dagen tijd 817 mensen te helpen uit zes verschillende barangays. 404 onder hen zagen de dokter - iets dat hij maar wat graag op zijn cv zal zetten! -, 296 kinderen konden terecht bij de pediater. Er werden meer dan 74 tanden getrokken door een nogal exentrieke tandarts en 43 jongens hebben een velletje minder (dat is hier blijkbaar de gewoonte...).

Het was een intense week. Een zotte ervaring. Iets dat ik nooit meer ga vergeten. De Benowanganen zitten in mijn hart, al zie ik ze waarschijnlijk nooit meer terug. Ik wens hen, uit het diepst van mijn hart, het beste toe. Het ga jullie goed. Ingat!

(Ik denk dat er nog een deel twee aan zit te komen, dus stay tuned! Als er iets is dat je nog wil weten of waar je benieuwd naar bent, laat het mij dan weten!)

view from the San Juanico bridge

English// I just got back from the middle of nowhere, also known as Benowangan, in Eastern Samar. I don't know where to start with this post, because I've seen and experienced so so so much, that it's impossible to even begin to explain.

Six nights on the floor

Before typhoon Haiyan, before November 2013, the population in Benowangan was never hungry. They were selfsufficient, growing their own fruits, vegetables and rice. The situation after Haiyan is much different. Their crops were destroyed, families were torn apart. One classroom still doesn't have a roof. There's no money. But the people in Benowangan are so committed to making their life better. A smile never fades from their faces.


the plaza in Benowangan, since typhoon Haiyan without a roof

My hostmum, Brenda, is the sweetest. She speaks Waray and Tagalog, but no English. Nevertheless, she tries so hard to communicate with me. She would rather not have anything to eat herself, than to let me be hungry. We can stay in her house, which is, in Filipino terms, quite big. I would even say it's one of the biggest in the region, with its 60m². Most families live on a smaller surface, while the children have about 8 to 10 siblings. We sleep on the floor. At night I can hear the rats around me. The comfort room is nothing more than a toilet, a bucket and a tabo (a plastic saucepan to wash yourself) inside a little brick house. It's buzzing with ants, spiders and flying cockroaches (for real!). Sometimes, I feel dirtier after taking a shower than before, because in the CR it smells like after a camp with the youth movement. And still, it feels like home.

Now I can hear you think, 'why would she ever say it feels like home in a place like that?'. It's so quiet here. There are no cars, no (motor)bikes, no jeepneys, no tricycles. There is only a river, and small boats. That's it. Nobody's hurrying, nobody's stressing out. There's no pressure here. Only smiling people, a mentality of carpe diem and an endless portion of perseverance from the locals.



We are lucky: Benowangan has electricity. At least for the first two days. On the third day, the generator fails to cooperate and nowhere around us is any light. I stargazed. Never before in my life have I seen a sky so full of stars. Literally in the middle of nowhere. It was amazing (and it made me a bit emotional).



I accompanied the task force Children of the Storm on a medical mission. Different ngo's worked together to organize health camps in areas that have been struck by tyfoon Haiyan the most. With the help of a small team of doctors, nurses and volunteers we manage to help 817 people from six different barangays. Among them, 404 saw the doctor - which is something he's very proud of -, 296 children were helped by a pediatrician. Over 74 tooth got extracted - by a quite eccentric dentist - and 43 boys got circumcised (apparently it's a habit in the Philippines).



My week was intense. It was definitely an experience, to say the least. The locals of Benowangan are in my heart, even though I'll most probably never see them again. I wish them, with all my heart, the best. Ingat!

(Part two will probably follow, because I still have so much more to share! If there's anything in particular you're curious about, let me know!)


obligatory selfie from the boat

10 reacties

  1. Waaw wat een verhalen! Klinkt als een uniek avontuur, iets waar je voor altijd aan zal terugdenken, hopelijk met een glimlach :) De foto's zijn alvast prachtig! Geniet er van!

    ReplyDelete
  2. Okee, compleet off topic, maar ik zie Bensimon schoenen :)
    En wat een mooie foto's! Leuk om zo je avonturen een beetje mee te beleven, net alsof we met je mee zijn .x

    ReplyDelete
    Replies
    1. Haha ja, die zijn van mijn roommate, Ysa! (Ik wist niet waar je het over had tot ik de foto's terugkeek, hihi.)

      Delete
  3. Oh waauw, wat een prachtige beelden. Echt heel tof om alles zo te mogen meemaken via je blog. Wat een ervaring moet dit zijn.

    ReplyDelete
  4. Weer een prachtig verslag met prachtige foto's!! Daarbij vergeleken is wildkamperen in Noorwegen een luxe. Van de mentaliteit daar kunnen wij nog wat leren. Veel succes en plezier verder, ik blijf het volgen.

    ReplyDelete
  5. Die foto's van die kinderen, ik smelt! :) heel veel plezier daar!

    ReplyDelete
  6. Wauw Elis, wat een prachtig stuk zeg.
    Pfoe, wat een ervaring ook! Ik ben echt onder de indruk. Zoiets kan ik me niet eens voorstellen.
    En wat schrijf je goed! Echt heel fijn om te lezen.
    Liefs!

    ReplyDelete
    Replies
    1. Oh en je foto's zijn ook echt heel mooi!

      Delete
    2. Dankjewel lieve Sanne! Een ervaring om nooit meer te vergeten :)

      Delete

Yay! Comments make my day!